Tibetaanse taalactivist wordt toegang tot advocaat ontzegd


Tibetaanse taalactivist wordt toegang tot advocaat ontzegd

Politieke gevangene Tashi Wangchuk start nieuwe aanklacht tegen vijfjarige celstraf (voor het ‘aanzetten tot separatisme’).

Dit weekend, op zondag 27 januari, is het drie jaar geleden dat de Tibetaanse politieke gevangene en taalactivist Tashi Wangchuk in detentie werd gezet. Hij zit een gevangenisstraf uit van vijf jaar voor de sterk gepolitiseerde aanklacht van ‘aanzetten tot separatisme’. In de eerste weken van zijn detentie werd hij gemarteld en werd gedreigd zijn gezin iets aan te doen. Momenteel wordt hem de toegang tot zijn advocaat ontzegd. Tashi werd opgepakt omdat hij zijn beklag deed over het ontbreken van het Tibetaanse taalonderwijs op scholen. 

Vorige week nog probeerde zijn advocaat een bezoek te brengen aan de Dongchuan-gevangenis, om het hoger beroep in de zaak te bespreken en een nieuw verzoekschrift bij het Supreme Court. Hij kreeg geen toegang tot de Tibetaanse activist, omdat hij bijzondere procedures moet doorlopen vanwege de “gevoelige” aard van de “misdaad” van Tashi Wangchuk.

Sinds zijn rechtszaak heeft Tashi Wangchuk slechts drie familiebezoeken gehad. Tashi Wangchuk, een zakenman van 34 jaar oud, werd in januari 2016 opgepakt. Zijn arrestatie kwam minder dan twee maanden nadat hij deelnam aan een artikel in de New York Times en een videoverslag over het recht dat Tibetanen  wordt ontzegd op Tibetaans taalonderwijs. Hij werd twee jaar zonder proces vastgehouden en in mei 2018 veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf jaar voor “aanzetten tot separatisme”.

Tsering Jampa, Executive Director van de International Campaign for Tibet: “De onwettige veroordeling en marteling van Tashi Wangchuk is een tragische herinnering aan het onrecht waarmee alle Tibetanen geconfronteerd worden, die hun taal en cultuur onder de Chinese heerschappij proberen te behouden. Door het gebruik van een New York Times interview in de rechtszaal om de zaak van Tashi Wangchuk te bewijzen, compromitteert Peking niet alleen de legitieme werkzaamheden van buitenlandse journalisten, maar schendt het ook het wederkerigheidsbeginsel. Zelf maakt China immers volop gebruik van de vrijheid van beweging en persvrijheid in Westerse landen om zijn propaganda te verspreiden, maar zelf blokkeert China vrije berichtgeving over Tibet en legt het overtreders draconische straffen op. Tevens kunnen Chinese journalisten vrijelijk naar het buitenland reizen, maar buitenlandse journalisten worden daarentegen zelden tot Tibet toegelaten. En wanneer er af en toe berichten zijn zoals het in de New York Times gepubliceerde verhaal van Tashi Wangchuk, reageert de Chinese overheid ongenadig en zonder enige rechtsgrond. Na de goedkeuring van de Reciprocal Access to Tibet Act in december vorig jaar, doen we een beroep op de Europese Unie en lidstaten om soortgelijke wetgeving aan te nemen en te zorgen dat China mensenrechtenactivisten als Tashi Wangchuk onmiddellijk vrijlaat uit de gevangenis.”

Sinds zijn arrestatie hebben veel regeringen -waaronder die van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk- hun bezorgdheid uitgesproken over zijn detentie en behandeling door de Chinese autoriteiten en gevraagd om direct vrijlating. Ten minste acht onafhankelijke mensenrechtendeskundigen van de Verenigde Naties hebben bij meerdere gelegenheden hun zorgen geuit bij de Chinese overheid over de juridische gronden voor de detentie van Tashi Wangchuk en zijn behandeling in Chinese hechtenis. International Campaign for Tibet voert een petitie campagne voor zijn vrijlating: https://savetibet.nl/tashiwangchukurgenteactie/  

BizPress.nl