Rohingya crisis – twee jaar later


Rohingya crisis – twee jaar later

Twee jaar geleden, op 25 augustus 2017, vond in Myanmar de grootste golf van geweld uit de geschiedenis tegen de Rohingya-bevolking plaats. Honderdduizenden mensen sloegen op de vlucht. Nu, twee jaar later, zitten de vluchtelingen nog steeds in kampen in Bangladesh, Maleisië en in Myanmar zelf. Waar de Rohingya ook terecht zijn gekomen, hun situatie is uitzichtloos. En daar waar de crisis in 2017 nog volop in het nieuws was, lijkt de aandacht nu grotendeels verdwenen en dreigt het een stille crisis te worden.

“In de afgelopen twee jaar zijn zeer weinig echte inspanningen gedaan om de onderliggende oorzaken van de discriminatie waarmee de Rohingya wordt geconfronteerd, aan te pakken en hen in staat te stellen veilig naar huis terug te keren”, zegt Benoit de Gryse, operationeel manager van Artsen zonder Grenzen. “Om de Rohingya een kans op een betere toekomst te bieden, moet de internationale gemeenschap haar diplomatieke inspanningen met Myanmar verdubbelen en zorgen voor een grotere wettelijke erkenning voor een ongelooflijk machteloze groep.”

Bangladesh

In Bangladesh leven meer dan 912.000 Rohingya nog steeds in dezelfde hutjes van bamboe en plastic als toen ze voor het eerst aankwamen. Zij kunnen nauwelijks reizen of werken en zijn nog steeds volledig afhankelijk van humanitaire hulp. Kinderen gaan niet naar school en hebben daardoor weinig toekomstperspectief. Artsen zonder Grenzen biedt in Cox’s Bazar, het grootste vluchtelingenkamp ter wereld, medische hulp. Veel van de ziekten die Artsen zonder Grenzen behandelt, zijn het gevolg van de slechte leefomstandigheden. De toegang tot schone latrines en water is beperkt. Artsen zonder Grenzen behandelt tienduizenden patiënten per maand en heeft tussen augustus 2017 en juni 2019 meer dan 1,3 miljoen consulten uitgevoerd.

Myanmar

De situatie van Rohingya in Myanmar is eveneens somber. In 1982 werd deze bevolkingsgroep door een aanpassing in de wet praktisch stateloos. In de afgelopen jaren zijn steeds meer van hun rechten ontnomen, zoals het recht op onderwijs, huwelijk, gezinsplanning, vrijheid van verkeer en toegang tot gezondheidszorg. In 2012 heeft geweld tussen de Rohingya- en Rakhine-gemeenschappen hele dorpen met de grond gelijk gemaakt. Sindsdien leven zo’n 128.000 Rohingya- en Kaman-moslims in centraal Rakhine in overvolle en smerige ontheemdenkampen. Ook zij zijn voor reizen, werk en de toegang tot basisvoorzieningen volledig afhankelijk van humanitaire hulp.

Maleisië

In Maleisië komen Rohingya door hun illegale status in een steeds lastiger pakket. Omdat ze niet legaal kunnen werken, verdwijnen ze vaak in de stedelijke zwarte markteconomie van Maleisië. Hier lopen zij onder meer het risico te worden uitgebuit. Lopen op straat of zelfs medische hulp zoeken kan ertoe leiden dat vluchtelingen naar detentiecentra worden gestuurd of worden afgeperst.

Waar de Rohingya zich ook bevinden, hun situatie is precair. Reden voor Artsen zonder Grenzen om aandacht te vragen voor deze stille crisis.

BizPress.nl