Moneywise lijfrente onderzoek 2018: Lijfrente klant de pineut


Ieder najaar onderzoekt Moneywise de markt voor vrijkomende lijfrentes. In de laatste maanden van het jaar komen er veel lijfrentekapitalen vrij die consumenten moeten omzetten naar een uitkering. Sinds 2008 is het mogelijk om naast een uitkering via een verzekering ook te kiezen voor een uitkering via banksparen. Wie biedt nu de hoogste uitkering voor een vrijkomende lijfrente? In het onderzoek worden 390 uitkeringen op basis van 15 scenario’s doorgerekend die een goed beeld geven van de lijfrentemarkt.

Daarnaast geeft Moneywise aan waar consumenten tegen flinke problemen aan lopen als ze hun lijfrente willen regelen. In het ergste geval gaat hierdoor 72% van het lijfrentekapitaal verloren!

Banksparen of ‘alles of niets polis’

Ook in 2018 blijkt weer dat een uitkering via een bank in bijna alle gevallen meer oplevert dan via een verzekeraar. Alleen bij een uitkering op één leven komt het voor dat een verzekeraar meer oplevert dan een bank. Dat is het geval bij een verzekerde op leeftijd die kiest voor een lange looptijd. Er is dan een verhoogde kans op overlijden. Dat vertaalt zich in een hogere lijfrente uitkering omdat de verzekeraar bij overlijden het resterende geld in zijn zak steekt.

Deze ‘alles of niets’ polissen kunnen interessant zijn voor alleenstaanden die niet de behoefte hebben om geld achter te laten voor erfgenamen. Consumenten met een partner of kinderen kiezen in bijna alle gevallen voor banksparen omdat daarbij geen geld verloren gaat bij overlijden. 

Zo levert een lijfrentekapitaal van € 50.000 bij de beste bank (BLG) een uitkering op van bruto 

€ 435,77 gedurende 20 jaar. De beste verzekeraar (Reaal) keert in die 20 jaar € 450,40 per maand uit. Dat is bijna € 15 meer per maand gedurende 20 jaar, oftewel € 3.600 meer. Maar bij overlijden wordt er in dat geval niks uitgekeerd aan de erfgenamen. En dat risico is bij een 70 jarige natuurlijk wel aanwezig gedurende een looptijd van 20 jaar.

Banken dalen, verzekeraars stijgen

De lijfrentemarkt is ook in 2018 verslechterd voor de consument die zijn vrijvallende lijfrentekapitaal moet omzetten naar een uitkering. Dat komt door de lagere rente. Veel consumenten kiezen voor een uitkering gedurende 5 of 10 jaar. In 2017 was de hoogste rente voor een 5 jaar durende uitkering bij Aegon bank nog 0,75%. Eind 2018 biedt Aegon nog maar een rente van 0,3%. Bij 10 jaar daalde de rente van 1,2% (Aegon) naar 0,9% (BLG). De rentes van alle banken zijn in 2018 lager dan in 2017. 

Bij verzekeraars zien we een lichte stijging in de uitkering. Maar hier moet een belangrijke kanttekening bij gemaakt worden: bij 29 van de 75 uitkeringen is het rendement van een verzekeraar negatief. Oftewel, de klant krijgt minder terug dan hij heeft ingelegd. Bij banksparen is het rendement altijd positief.

Vergelijken noodzaak

Juist bij een lage rente is het zaak om zoveel mogelijk uit je lijfrente te halen door de verschillende aanbieders goed te vergelijken. En dat loont. Een vrijkomende lijfrente van € 50.000 die men in 10 jaar tijd wil laten uitkeren via een lijfrenteverzekering levert bij Allianz een maandelijkse bruto uitkering op van € 404,79. In 10 jaar tijd is dan € 47.754. Een bankspaarrekening bij BLG, Regio Bank Of Rabobank levert in totaal over dezelfde looptijd € 3.538 meer op.

Lijfrente klant is op diverse manieren de pineut

Er is meer aan de hand dan alleen de lage rente. Het aantal aanbieders op de lijfrente markt loopt sterk terug. Zo heeft dit ASR dit jaar besloten geen banksparen meer aan te bieden en is door de overname van Delta Lloyd door NN ook banksparen bij Delta Lloyd en Ohra niet meer mogelijk. Eerder is Reaal al gestopt met het aanbieden van banksparen. Zelfs grote verzekeraars als Nationale Nederlanden, ASR, Delta Lloyd, OHRA en Interpolis bieden geen lijfrenteverzekering meer aan. De consument heeft steeds minder keuze en er is minder concurrentie tussen aanbieders. Dat is nooit in het voordeel van de consument.

Problemen bij lijfrente laten uitkeren in het buitenland

Ieder jaar komen er lijfrentes vrij van Nederlanders die inmiddels zijn geëmigreerd naar het buitenland. Deze groep mensen komt vaak in de problemen. Ze kunnen namelijk ze geen lijfrente af sluiten omdat ze geweigerd worden door Nederlandse verzekeraars. Deze hebben namelijk niet de benodigde vergunning (notificatie) Het gevolg hiervan is dat de fiscus dit behandelt als afkoop. Bij banken kunnen de geëmigreerde Nederlanders ook niet terecht De uitkering wordt bij afkoop met maximaal 52% belast en daarover heen komt nog een fiscale boete van 20% in de vorm van revisierente. Zo blijft er van de lijfrente netto nog maar 28% over en verdwijnt 72% in de zak van de fiscus.

Het Verbond van Verzekeraars heeft weliswaar in maart 2018 aangekondigd dat dit probleem is opgelost omdat is afgesproken dat bestaande lijfrenteverzekeringen bij dezelfde verzekeraar alsnog kunnen worden omgezet in een lijfrente. Dus eigen geld wordt wel geaccepteerd. De gedachte is mooi, de praktijk is echter anders. Ten eerste is ‘shoppen’ voor een hogere uitkering er niet meer bij en ten tweede, zelfs grote verzekeraars als Nationale Nederlanden, Delta Lloyd, OHRA, ASR en Interpolis bieden helemaal geen uitkerende lijfrentes meer aan. Voor deze klanten gaat de deur dus dicht. Ook geldt deze regeling alleen maar voor de Europese Unie. Woont men buiten de EU dan is met helemaal overgeleverd aan de grillen van de eigen verzekeraar. Gelukkig kan Moneywise bij één verzekeraar toch nog terecht voor Nederlanders die wonen binnen de EU.

Overdracht van lijfrentekapitaal gaat alles behalve soepel

Een consument die zijn vrijkomende lijfrente elders wil onderbrengen moet de oude aanbieder opdracht geven het geld over te boeken naar de nieuwe lijfrente. Na ontvangst van dat verzoek hoort de oude aanbieder binnen 10 werkdagen het geld over moeten maken naar de bank of verzekeraar. Verzekeraars en banken hebben duidelijke afspraken hierover gemaakt in het Protocol Stroomlijn Kapitaaloverdracht. Maar met alleen het geld overboeken is men er nog niet. De oude aanbieder moet ook nog een zogenaamd PSK formulier opsturen naar de nieuwe bank of verzekeraar. In dat formulier geeft de oude aanbieder aan wat de fiscale achtergrond van het vrijgekomen lijfrentekapitaal is. Moneywise ziet in de praktijk dat hier veel vertraging ontstaat. Dat komt omdat PSK formulieren niet op de juiste manier worden ingevuld, niet correct worden opgestuurd en vaak te laat worden opgestuurd. Het gevolg is dat de nieuwe lijfrente uitkeringen later ingaan dan de klant had gepland. We zien regelmatig dat mensen daardoor in de financiële problemen komen. Moneywise schat in dat ongeveer 1 op de 5 lijfrente uitkeringen vertraging oploopt door verkeerde en te laat verstuurde PSK formulieren.

Samenvattend

De consument wordt bij de aankoop van een lijfrente uitkering niet alleen geplaagd door de lage rente. Ook andere oorzaken maken dat best lastig kan zijn om een goede uitkering te ontvangen voor het zuur gespaarde lijfrentekapitaal.

BizPress.nl